woensdag 6 oktober 2010

Op deze doodlopende weg


Aan je mond ruiken ze
of je misschien had gezegd ik hou van je
aan je hart ruiken ze
een vreemde tijd is het, lief
en de liefde
zwepen ze
naast de slagboom.

Verberg de liefde in de achterkamer


Op deze kronkelende, doodlopende weg in de kou
wakkeren ze
het vuur aan
met liederen en gedichten.

Waag het niet na te denken
een vreemde tijd is het, lief
degene die ’s nachts aanklopt
komt om de lamp te doden.

Verberg het licht in de achterkamer


Daar staan de slagers
op de kruispunten
met bloederige bijl en blok
een vreemde tijd is het, lief
de glimlach snijden ze van de lippen
en het lied van de mond.

Verberg het verlangen in de achterkamer


De gegrilde kanarie
op het vuur van lelie en jasmijn
                                   een vreemde tijd is het, lief
de duivel in zijn overwinningsroes
viert onze rouw aan tafel.

Verberg god in de achterkamer

 

Van Iraanse dichter Ahmad Shamlou vertaald door Nafiss Nia & Ronald Bos uit 'Stegen van stilte', een keuze uit honderd jaar moderne Perzische poëzie. 



Geen opmerkingen: